1000 euro, dat ruimt!

‘Zij verkochten hun bezittingen en eigendommen en verdeelden die onder allen, naar dat ieder nodig had.

-Handelingen 2:45

Een jaar geleden begon de opruimactie. Ik keek naar de boekenplank en dacht, wat moet ik met al dit isoleermateriaal, ik lees het toch niet meer. Anderen kon ik er een plezier mee doen door ze te verkopen en dat bracht toch een aardige duid op. Eindelijk was de plank leeg, ruimte in mijn huis, en ruimte in mijn hoofd. Toen ik in de huiskamer van mijn moeder liep zag ik een bekend tafereel. Een volle boekenkast! En toen begon alles weer opnieuw. De boekenkast van mijn moeder werd opgeruimd, tweede hands boeken werden verkocht. Toen ook de boekenkast van mijn zus en mijn broer, en toen ook die van vrienden en zelfs van broeders en zusters van de kerkgemeente. Die boeken moesten toch ergens een plek krijgen en zo was mijn boekenplank weer vol. Wat dus begon met een opruimactie en een lege plank, eindigde toch weer met volle boekenplanken. Ik moest er zelfs een paar boekenkasten bijkopen.

Inmiddels staat de teller op 1000,- euro aan verkochte boeken! Ik wil jullie allemaal hartelijk bedanken ook namens stichting Oekroe en de kinderen in Oekraïne. Ik heb nog steeds over de 700 boeken voor de verkoop thuis staan en ook online. Je bent van harte welkom om eens langs te komen als je een boek zoekt, of als je boeken kwijt wil. Of natuurlijk gewoon voor een kopje koffie. Ik verkoop ze en het geld gaat naar een goed doel.

Pelgrim op pad

Pelgrim op pad (2019)

Op het Pieterpad laat ik de medemens aan het woord. Denkt hij nog na over God? Ik stel kritische vragen over moraliteit, oorsprong, en lotsbestemming. Heeft de kruisdood en opstanding van Jezus een persoonlijke betekenis? Wandel mee, in een klein uurtje door ons prachtige Nederland. Laat je verrassen door de diversiteit van levensopvattingen uit de geseculariseerde wereld en de reacties van mensen op het evangelie. 

Nederland is mooi!

Met veel vreugde kijk ik terug naar de afgelopen dagen. Bos, heide en veel boerenland. Ik wist niet dat groen zo groen kon zijn. In het noorden uitgestrekte velden zo ver het oog kan zien, en in het zuiden de glooiende graslanden waar in de morgen de dalen het dauw verzamelen. De heide staat in bloei en geeft een bijna buitenaardse schoonheid mee aan het landschap. Meerdere malen werd ik van mijn snelheid en adem beroofd toen ik langs deze heidebloem liep. Stokstijf bleef ik staan. Dankzij mijn kleurenblindheid kon ik mijzelf meerdere minuten vermaken door af te vragen welke kleur de heide is. Paars, roze, soms zie ik wat blauw, of toch lila. Enfin, ik genoot van de schijnbare tijdsloosheid van die momenten. Zo mooi, dat ik er in ben gaan liggen.

De reis is het doel en niet het eindpunt. Dat is wat veel mensen zeggen. Toch wacht een christen een beter ‘eindpunt’ dan de reis. Al is de wandel hier op aarde nog zo mooi, ‘daar’ zal alles nog beter zijn. Zonder gebrokenheid, zonder lijden, zonder pijn, maar hersteld met Hem, door Hem, in eeuwige gelukzaligheid. Mijn oog heeft ondanks mijn kleurenblindheid iets van de schoonheid van de schepping kunnen zien. Maar geen enkel oog heeft nog gezien welke heerlijkheid God ons te bieden heeft. Het gaat voorstellingsvermogen te boven.

Wat geen oog heeft gezien en geen oor heeft gehoord en in geen mensenhart is opgekomen, dat is wat God bereid heeft voor hen die Hem liefhebben.

-1 Korinthe 2:9

Ik ontmoette op het Pieterpad veel andere wandelaars, mensen die dezelfde route liepen. Je krijgt er op een gegeven moment oog voor. Je kunt het zien aan het wandeltempo of aan het routeboekje in de broekzak. Soms kon je het ruiken, dat was dan een meerdaagse wandelaar. Ik denk dat veel mensen mij ook geroken moeten hebben. Je praat dan wat aan de oppervlakte met elkaar. Waar ben je gestart? Hoeveel dagen loop je al? Hoeveel kilometer per dag loop je? Wat vond je van deze etappe? Je bent als wandelaar op hetzelfde pad een lotgenoot, je hebt wat met elkaar gemeen. Maar ik was benieuwd of de voor mij vreemde medemens bereid was, om in deze korte ontmoeting diepere gedachten te delen. Zo stelde ik vaak de eerste vraag: ‘Loopt u of wandelt u?’ Men dacht na over het verschil. Lopen is met een doel, en met wandelen stel je jezelf de gelegenheid om in verbinding te komen met wat op je pad komt. De meeste antwoordden dat ze aan het wandelen waren in plaats van lopen. Toen vroeg ik: ‘Wandelt u ook met God, of loopt u Hem voorbij?’ Wat er dan volgde was altijd spannend. Ik keek er iedere keer weer naar uit. Wat mensen zouden zeggen? En wat voor beeld hebben de mensen van God? Geen gesprek is hetzelfde geweest. Wat het antwoord ook was, ik voegde er aan toe: ‘God wil met u wandelen, weet u wat dat betekent? God wil in nauwe verbondenheid met ons leven.’

Ik zal in uw midden wandelen. Ik zal u tot een God zijn en u zult Mij tot een volk zijn.

-Leviticus 26:12

Soms werd het gesprek een discussie. Soms werd het een kort gesprek. Soms monde het uit tot urenlang filosoferen over het Pieterpad, soms zelfs tot aan de camping. Ik heb heel veel geleerd van de mensen hun antwoorden en standpunten in het leven. De gesprekken met de mensen hadden altijd een gevoelig karakter. Hoe stel ik de vragen? Hoe breng ik de mensen het Goede Nieuws? Ik heb mij vaak onzeker gevoeld toen ik op de mensen af stapte. Ik dacht vaak dat ze niet openstonden voor zo’n gesprek. 90% van de keren dat ik het vroeg kwam er een zeer open en vriendelijk gesprek tot stand. Ik kon mensen wijzen op het volbrachte werk van de Heere Jezus. Ik heb van veel gesprekken opnamen gemaakt en zal de komende dagen werken aan een documentaire.

Jezus zei tegen hem: Ik ben de Weg, de Waarheid en het Leven.

Johannes 14:6

Ik wil hierbij medechristenen bemoedigen om in gesprek te blijven gaan met je medemens. Liefdevol, maar zonder compromis aan de waarheid. Als christen sta je aan de kant van Jezus, en Jezus heeft gezegd dat Hij de waarheid is. Breng de medemens naar Jezus, breng ze thuis.

het Petruspad

Morgen ga ik weer aan de wandel. Het Pieterpad is aan de beurt, want Nederland is ook mooi. Vergeleken de pelgrimages naar Santiago (2012) en Rome (2018) is het Pieterpad een avondwandeling, maar ik wil toch even de deur uit. De wandelroute van net geen 500 kilometer strekt zich uit van Pieterburen in Groningen tot de Pietersberg bij Maastricht. Dit keer zit de reis ‘m niet in de afstand, maar in hoe dichtbij ik bij de medemens kan komen.

De reis naar Santiago heeft mij het geloof gebracht. De reis naar Rome was een zoektocht naar Gods machtige maar stille stem. Op het Pieterpad wil ik de mensen aan het woord laten. Denkt de medemens nog na over God of leeft zij alleen maar horizontaal? Gelooft zij in het bestaan van God en het leven na de dood, of is zij te druk voor dit soort vragen? In de voorbereiding thuis verzamel ik de vrijmoedigheid om met mensen te praten over moraliteit, oorsprong, lotsbestemming en de betekenis van het leven. Want dikwijls gaan gesprekken over koetjes en kalfjes, maar geleid door de Geest hoop ik praten over het Lam. Wat denken de mensen van Jezus, en heeft Zijn kruisdood een persoonlijke betekenis?

In een pelgrimsherberg in Frankrijk hoorde ik het verhaal van een sterke brandweerman. Een boom van een kerel was op weg naar Santiago. Thuis had hij in zijn voorbereidingen nagedacht over wat hij mee wilde nemen. Hij dacht na over wat hij zou doen in de stilte, in de tijd dat hij alleen zou zijn. Hij nam mee, een paar leesboeken, een kleine koelbox, en zelfs een radio! De stilte kan soms oorverdovend zijn. Het gewicht van zijn rugzak werd de grote man op ten duur teveel, uitgeput kwam hij de herberg binnen. De eigenaar van de herberg had al veel pelgrims langs zien komen, van allerlei formaten en ieder zo met zijn of haar eigen verhaal. Hij liep naar de brandweerman toe en benadrukte de ernst om wat spullen weg te doen. Dat zou veel makkelijker lopen. ‘Wat weegt het zwaarst en heb je het minst nodig? Doe dat weg.’ De brandweerman dacht er over na en kwam er de volgende dag op terug. ‘En?’ vroeg de eigenaar van de herberg. ‘Wat weegt er het zwaarst? Die paar leesboeken, de koelbox of de radio?’ De brandweerman zei tegen de eigenaar: ‘Nog de boeken, nog de koelbox, nog de radio. Het is de angst om mijzelf te ontdoen van mijn spullen wat het zwaarst weegt.’ De brandweerman liet uiteindelijk zijn boeken, zijn koelbox en zijn radio achter, maar bovenal was hij verlost van zijn behoefte aan bezittingen.

‘en Hij zond hen op weg om het Koninkrijk van God te prediken en de zieken te genezen. En Hij zei tegen hen: Neem niets mee voor onderweg: geen staf, geen reiszak, geen brood, geen geld. Ook mag niemand van u twee stel onderkleren bij zich hebben.’ (Lukas 9:2-3)

De reizen naar Santiago en Rome hadden een zeer lichtgewicht karakter. Alles wat je thuis liet, was mooi meegenomen. Wist je dat veel kampeerproducten een etiquette dragen? Slaapzak, slaapmat, schoenen, tent, vest, trui. Als je die eraf knipt, scheelt het toch weer een paar gram. Voor het Pieterpad pak ik het iets luxer aan, ik kies voor iets meer comfort. Omdat de afstand en de duur van de reis korter zijn, denk ik dat ik dit qua gewicht wel kan permitteren. Mijn luchtbed heeft als upgrade een hoeslaken, dat ligt toch net iets lekkerder. Oh ja, ik heb ook nog een zakje lavendel voor in de binnenkant van de tent. Ik kijk er nu al naar uit om die op te hangen. Het wordt bijna ‘glamping.’

Ik ben zeer benieuwd naar de ontmoetingen met de mensen en de stilte van Gods machtige schepping. Het is mij een rijkdom en een geschenk dit te mogen doen. Een hele fijne en gezegende zomervakantie voor iedereen!

De macht van gebed

Een gebed is niet God op pad te sturen om iets voor jou te gaan doen. 
Een christen kan meer op zijn knieën zien, dan op zijn voeten.
Gebed is niet, dat God bereid is jouw wil te doen.
Gebed maakt jou klaar om Gods wil te doen.
Gebed is de enige manier om de bovennatuurlijke kracht van God los te laten,
in uw leven, in uw huwelijk, in uw zaken,
om je geweldige en machtige dingen te laten zien die je niet kent.
Gebed is de sleutel die de poorten van de hemel opent,
en de poorten van de hel sluit.
Gebed heeft de kracht om ziektes en kwalen te genezen.
Gebed kan de ketenen van ellende en gewoontes verbrijzelen, die jouw leven kwellen.
Of het leven van je zoon, van je dochter, van je man of vrouw.
Gebed vereist geen bewijs, gebed vereist oefening.
Intellectuelen jammeren tegenwoordig dat God en de hemel zo ver weg is.
God is even dichtbij als je volgende gebed.
Als je huwelijk wordt aangevallen - Bid.
Als je kinderen gekweld worden door de prins van de duisternis - Bid.
Als je bedrijf faalt - Bid.
Als je tegen een dodelijke ziekte vecht - Bid.
Als je verdwaald en zonder God bent - Bid.
Als je leven leeg en zinloos is, als het hopeloos lijkt - Bid. 
Bid - bid, want God verhoort een gebed.
Een gebedsloze christen is een zwakke christen.
Een gebedsloze christen is een armzalige christen.
Een gebedsloze christen is een christen die altijd in nederlaag leeft.
Een gebedsloze kerk is een zwakke kerk.
Een gebedsloze natie is een verslagen natie.
Een gebedsloze gezin zal een verdeeld gezin zijn.
Het is gezegd en ik zeg het opnieuw, 
dat het gezin dat samen bidt, samen blijft.
God verwacht van jou, elke dag van de week,
om te bidden voor de mensen in je huis.
Iemand bidt voor jou, voor wie bid jij?
Waarom bidden? Omdat God gebeden verhoort.
Hoe krachtig God ook is, God kan het gebed niet beantwoorden totdat jij het bidt. 

Wie het bovenstaande filmpje ziet of de tekst hierboven leest, kan herkennen dat gebed machtig is. Misschien is het voor jou niet meer dan een opsomming van mooie woorden en klanken, misschien geloof je niet in de macht van het gebed. Misschien heb jij zelf nog nooit gebeden. Misschien vindt je het mooi hoe anderen zo vurig en gepassioneerd kunnen vertellen over gebed en God, maar is het niet voor jou. Misschien hoor je bij deze categorie mensen: ‘Ik bid, maar God verhoort mijn gebed niet.’ Er staat toch geschreven: ‘Bid, en u zal gegeven worden; zoek, en u zult vinden; klop, en er zal voor u opengedaan worden (Mattheus 7:7).’ Ik bid, maar het wordt mij niet gegeven. Ik zoek, maar ik vind niet. Ik bid, maar het blijft stil. Ik bid, maar ik merk niks van mijn gebed. God zwijgt, en dat kan voor jou een worsteling zijn.

U hebt U in een wolk gehuld, zodat er geen gebed doorkwam.

Klaagliederen 3:44

God zweeg ook toen Job klacht naar klacht naar de hemel riep. God zweeg toen het volk Israël in Babel klaagde. God zweeg toen Jezus aan het kruis riep: ‘Mijn God, waarom hebt U mij verlaten?’ Er zijn veel voorbeelden in de Bijbel waar God spreekt, maar dus ook waar God zwijgt. Wat zegt dat mij? Wat kan ik met Gods zwijgen? Waarom verhoort God het ene gebed wel, maar het andere niet? Hoe weet ik dat ik naar Gods wil bid?

Ik denk dat deze bovenstaande vragen bekend zijn voor elke christen. Je bent niet alleen in deze strijd! Het is moeilijk, het is zwaar, helemaal als het niet lukt om uit je zelfbeklag te komen, als het niet lukt boven je persoonlijke omstandigheden uit te stijgen. Als God dan niet luistert, waarom dan nog bidden? Waarom dan nog iets van God verwachten? Laten we samen toch naar God kijken, want Hij heeft antwoorden op al jouw vragen. 

Ten eerste is deze houding voor God niet onbekend. Hij weet heus dat je worstelt, dat je twijfelt, dat je bidt, dat je zoekt, dat je verzucht: ‘Heer, hoe lang nog?’ Hij weet ervan. Ten tweede, dat God zwijgt betekent niet dat Hij niet luistert. God luistert wel degelijk. Hij hoort iedere verzuchting en smeking aan. Ook daar mag je op vertrouwen. Dat kan het soms extra pijnlijk maken als het lijkt dat Hij niet reageert. Hij hoort mijn gebed toch, waarom doet Hij dan niks? We mogen erop vertrouwen dat God beter weet wat goed voor ons is, dan wij zelf. 

Een vader loopt met zijn dochter door het park. Het meisje speelt en heeft het naar haar zin. Dan zegt vader: ‘Kom, we gaan naar huis.’ Het meisje wil niet naar huis, ze wil blijven spelen. Ze jammert, ze gaat tekeer. Ze snapt vader niet. Maar het dochtertje ziet niet en begrijpt niet, wat de vader ziet. Er naderen grote donkere wolken, het gaat stormen. Samen gaan ze toch naar huis, dochter met tegenzin, vader met wijsheid. 

Zo begrijpen wij vaak de wegen van God niet, maar we mogen erop vertrouwen, dat wat God doet, goed is. Wat vader doet, is goed. We zijn niet zonder gevoelens en ook dat weet onze hemelse Vader. We mogen ons geklaag bij Hem uiten, we mogen ons hart bij Hem uitstorten, het is Hem niets vreemd. God is een lieve God, die Zijn kinderen troost en omarmt, zoals een vader zijn dochter troost. Maar Hij vraagt ons te vertrouwen, Hij vraagt ons over te geven en te luisteren. Hier is luisteren ook gehoorzamen, doen wat Hij zegt.

Neem ik in het leven de tijd om te luisteren naar God? Of is mijn gebed meer een monoloog met God? Geef ik God wel de tijd om te spreken? Bestaat mijn gebed alleen uit een boodschappenlijstje afwerken? Ben ik alleen mijn ‘wilt-U-dat-jes’ aan het spuien? Neem ik serieus de tijd om te luisteren naar God? Er is een satan die niet wil dat wij bidden en hij gebruikt de wereld om jou van je stille tijd te beroven. De wereld trekt aan je en verwacht van alles van je. Is mijn agenda te vol voor stille tijd voor God? Het is goed om in een gebed stil te worden en God de ruimte te geven om te spreken. 

Maar Hij zei: Ga naar buiten en ga op de berg staan, voor het aangezicht van de HEERE. En zie, de HEERE ging voorbij, en een grote en sterke wind, die bergen spleet en rotsen in stukken brak, voor het aangezicht van de HEERE uit. Maar de HEERE was niet in de wind. Na deze wind kwam er een aardbeving, maar de HEERE was ook niet in de aardbeving. Op de aardbeving volgde een vuur, maar de HEERE was ook niet in het vuur. En na het vuur kwam het suizen van een zachte stilte.  

1 Koningen 19: 11-12

Elia vindt God niet in het geweld van de wind. Elia vindt God niet in het geschud van de grond. Elia vindt God niet in de verzengende hitte van een vuur. Elia vindt God in de zachte stilte. 

Wees stil en weet, Ik ben jouw God.

Psalm 46

Dit is makkelijk gezegd. De pijn van een onbeantwoord gebed blijft. Overgave en vertrouwen zijn mooie begrippen, maar mijn pijn is te groot. Weet dan dat ook deze pijn tijdelijk is, net als de gebrokenheid van de wereld. Het zal voorbij gaan, omdat Jezus de dood heeft verslagen. Wie berouwt (Handelingen 17:30) en op Hem vertrouwt (Handelingen 16:30-31), zal zalig worden. Dat is genade, en soms is Zijn genade jou genoeg. 

En opdat ik mij door het alles overtreffende karakter van de openbaringen niet zou verheffen, is mij een doorn in het vlees gegeven, een engel van de satan, om mij met vuisten te slaan, opdat ik mij niet zou verheffen.
Hierover heb ik de Heere driemaal gesmeekt dat hij van mij weg zou gaan.
Maar Hij heeft tegen mij gezegd: Mijn genade is voor u genoeg, want Mijn kracht wordt in zwakheid volbracht. Daarom zal ik veel liever roemen in mijn zwakheden, opdat de kracht van Christus in mij komt wonen.

2 Korinthe 12:7-9

Paulus smeek tot driemaal toe of God de doorn in het vlees weg wil halen, of Hij de engel van de satan die hem met vuisten slaat weg wil sturen. God doet het niet. Paulus weet dat God dit doet bij hem, zodat hij zich niet zou verheffen. Ook hier weet God wat goed is voor Paulus. Een doorn in het vlees? We weten niet precies waar Paulus aan leed. Maar het moet pijnlijk zijn geweest. God laat die doorn in het vlees zitten. Paulus heeft tot drie keer toe gesmeekt. God heeft Paulus niet de doorn uit het vlees gehaald, maar heeft tegen hem gezegd: ‘Mijn genade is voor u genoeg.’ 

Want zo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat ieder die in Hem gelooft, niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft.  

Johannes 1:16

Het is deze genade, te weten dat Jezus de dood heeft verslagen en er een dag zal komen van een nieuwe hemel en aarde. Dan kan het leven nog zo pijnlijk zijn, vol ziekte, dood en lijden, vol smekingen, verzuchtingen en onbeantwoorde gebeden, maar deze genade is mij genoeg.

En dit niet alleen, maar wij roemen ook in de verdrukkingen, omdat wij weten dat de verdrukking volharding teweegbrengt, en de volharding ondervinding en de ondervinding hoop. En de hoop beschaamt niet, omdat de liefde van God in onze harten uitgestort is door de Heilige Geest, Die ons gegeven is.

Romeinen 5:3

De verdrukking van een onbeantwoord gebed, een onvervuld verlangen, het omgaan met ziekte en dood, het doet een beroep op onze lijdzaamheid. Kunnen we zoals Paulus schrijft, door de verdrukking volharden? Kunnen we door de volharding hoop in Christus ondervinden? Die hoop beschaamt niet!

De hoop in Christus verschuift mijn perspectief. De wereld kan niet bieden wat Christus kan bieden. Is daarom mijn gebed onbeantwoord gebleven? Kijk ik naar de wereld die vol onverzadigbaarheid zit, of kijk ik naar Christus? Het levende water dat alleen Jezus ons geven kan, zal tot in eeuwigheid de dorst verzadigen.

Jezus antwoordde en zei tegen haar: Ieder die van dit water drinkt, zal weer dorst krijgen, maar wie drinkt van het water dat Ik hem zal geven, zal in eeuwigheid geen dorst meer krijgen. Maar het water dat Ik hem zal geven, zal in hem een bron worden van water dat opwelt tot in het eeuwige leven.

Johannes 4:13

Ben je God kwijt – Bid. Hij is jou niet kwijt.

Blijf vertrouwen op God, blijf volharden in gebed, zoek de stilte op om Gods zachte stem te verstaan en blijf bidden in de hoop in Christus.

Broccoli of een kind van God

Als je terug gaat naar de bodem van je bestaan, kun jij je dan meer identificeren met broccoli, of met een kind van God? Een vraag die toelichting nodig heeft.

Het is ochtend en ik word wakker op dezelfde plaats waar ik gisteren ging slapen: in mijn bed. Ik doe de gordijnen open en zie, de boom staat weer in de tuin. Op exact dezelfde plaats. Ik loop naar de keuken en druk met mijn hand de deurklink omlaag. De deur gaat open. Ik doe de kraan open en er komt water uit. Ook is het licht buiten, de zon schijnt ook vandaag weer. Ja, natuurlijk zeg je, daar ga je toch van uit? Triviaal misschien, en een beetje overbodig dit zo te overdenken. Natuurlijk word ik wakker op de plaats waar ik gisteren in slaap viel. En ik zou het wel hebben gehoord als iemand de boom in de nacht had omgezaagd. De deurklink valt er niet zomaar af en als er geen water uit de kraan komt dan is er waarschijnlijk al wel iemand aan het werk om dit probleem op te lossen. En als de zon er niet meer zou zijn dan had ik dat ook wel gemerkt. Over de zon gesproken, best een bijzonder geval. Ik kijk naar de zon en de koperen ploert staat weer te stralen aan de lucht. Warmte en licht voeden de nog jonge dag. Het lijkt een beetje zonde van de energie om hier woorden aan te geven. Maar wat werkelijk zonde van de energie is, is dat de zon per seconde net zoveel energie uitstraalt als dat biljoen steden uitstralen in een jaar. En waar gaat die energie heen? Naar de ruimte, niemand die er gebruik van maakt. Slechts een heel klein deel gaat naar de aarde. Het lijkt klein, die felle knikker in de lucht, maar de aarde past honderd keer in de diameter van de zon. Van Nederland naar Italië vond ik al een heel end, maar de zon is pas ver weg: 150 miljoen kilometer. In het licht van de zon krijgen afstanden opeens hele andere betekenissen.  De zon is eigenlijk te ver en te groot om te bevatten en bij een poging begint het te duizelen. En de aarde die weer om de zon draait met een relatieve snelheid van 100.000 kilometer per uur. Ja, die dingen gebeuren ook zonder dat ik mij daar druk om maak. Dat doen ze nu, dat deden ze vroeger en dat gaan ze vast nog wel even doen, ga ik van uit. De wereld draait al zo lang. Hoelang eigenlijk? Wetenschap, de autoriteit van mensen, geeft de aarde een leeftijd van 3,8 miljard jaar. De heelal is daarbij een stuk ouder, namelijk 13,7 miljard jaar. De Bijbel, de autoriteit van God, geeft de aarde een leeftijd van 6 duizend jaar. En de aarde is hier vier dagen ouder dan het heelal, want op de eerste dag schiep God de hemel en de aarde, en op de vierde dag de sterren.

Genesis 1:14-16

En God zei: Laten er lichten zijn aan het hemelgewelf om scheiding te maken tussen de dag en de nacht; en laten zij zijn tot tekenen, en tot aanduiding van vaste tijden en van dagen en jaren! En laten zij tot lichten zijn aan het hemelgewelf om licht te geven op de aarde! En het was zo. En God maakte de twee grote lichten: het grote licht om de dag te beheersen en het kleine licht om de nacht te beheersen; en ook de sterren.

Psalm 8:4-5

Als ik Uw hemel zie, het werk van Uw vingers,

de maan en de sterren, die U hun plaats gegeven hebt,

wat is dan de sterveling, dat U aan hem denkt,

en de mensenzoon, dat U naar hem omziet?

Ik vind het bijzonder hoe de Bijbel toch ook de sterren er nog even bij noemt. Eerst schept God twee grote lichten, een grote en een kleine. Helemaal aan het einde van de opsomming wat God de vierde dag heeft gemaakt, vertelt het ons ook nog even dat Hij ook de sterren schiep. Hij sprak ze in bestaansvorm. Al die biljoenen sterrenstelsels maakte hij er ook nog even bij. Hij zei het en het was alzo. Waarom heeft Hij ze gemaakt? Ze zijn niet geschikt voor levensvormen. Al heeft Hij ze gemaakt om te laten zien hoe machtig Hij is, dan is het Hem gelukt, ik ben diep onder de indruk!

Psalm 19:2

De hemel vertelt Gods eer, het gewelf verkondigt het werk van Zijn handen.

Er zijn statistieken en feiten waar we wat aan hebben en waar we totaal niets aan hebben. Ik heb schoenmaat 45. Dat is een feit maar daar heb je niet zoveel aan, tenzij je van plan bent mij schoenen cadeau te geven. Door deze bril wil ik kijken naar de feiten die de wetenschap, de autoriteit van de mens, door de eeuwen heen heeft verzameld. Volgens de evolutietheorie van Darwin is de mens het product van tijd x materie x kans, een hoopje DNA. De mens is, net als alle andere organismen, afgestamd van een simpele eencellige levensvorm die miljarden jaren geleden door chemische reacties spontaan ontstonden. ‘Oerslijm’ is onze voorvader en broccoli onze achterneef. We komen als het ware uit één grote reageerbuis. In dat geval is al het denken, ook dit schrijven van mij en dit lezen van u, het product van tijd x materie x kans. Intrinsieke waarde en overtuigingen zijn slechts chemicaliën die door mij heen razen. Verwondering en verbeelding is te verklaren door een mix van substanties die bij een bepaalde verhouding een bepaald effect opleveren.

DNA is als het ware een boek van het leven. Alle informatie staat hierin opgeschreven. In één DNA strengel staat meer informatie dan honderden bibliotheken bij elkaar. Maar kan zo’n stukje DNA ooit zichzelf hebben geproduceerd? Is het uit zichzelf tot stand gekomen? Als DNA als het ware een boek is, kan het ooit zichzelf hebben geschreven? Er is een ontwerp en dus een ontwerper.

En de wetenschap dan? Is die per definitie verkeerd, of staat deze haaks op de Bijbel? In sommige gevallen wel. Maar de wetenschap is ons ook door onze Schepper gegeven. En juist logisch beredeneren en geloven in God kan heel goed samengaan. Om iets van de grootte van het heelal te bevatten moeten we wiskunde gebruiken. En door naar die getallen te kijken vanuit verwondering van de grootheid van het geschapene, leren we iets van de grootheid van de Schepper kennen.

Mattheus 10:30

En ook de haren van uw hoofd zijn alle geteld.

In het daglicht dat ik het product ben van een Ontwerper, begint het leven opeens veel meer zin te krijgen. Niet alleen zingeving krijgt kleur, afkomst, betekenis en lot beginnen mij opeens helder te worden. Er is een God die mij kent en een plan met mij heeft. Hij heeft alles geschapen met een reden en ik mag er iedere dag gebruik van maken. En wat heb ik hier voor hoeven doen? Niets. Ik kan niet eens iets terug doen. Tegenover een God die zo groot is dat Hij met Zijn vingers de sterren kan maken, de mens kan niet eens een zandkorrel scheppen, moet ik concluderen dat het leven zelf het toppunt is van gastvrijheid! Ik krijg een beschaamd gevoel voor al die keren dat ik het leven nam vanuit vanzelfsprekendheid.

Maakt het dan uit, te leven vanuit een ideologie? Toch, ieder mens stelt zichzelf vroeg of laat zingevende vragen en zoekt naar antwoorden. Als er lijden in het leven komt worden waarom vragen zonder antwoorden pijnlijke vragen. In nood leert men bidden, is een gezegde. Maar in de nood wordt ook gevloekt. Ieder mens ontkomt er niet aan zichzelf in de spiegel te kijken en zichzelf af te vragen: Wat geloof ik? Antwoorden op essentiële levensvragen vormen een ideologie en die beïnvloeden moreel denken en hebben weer neerslag op belangrijke en basale keuzes. Twee uitersten wil ik schetsen. Het leven heeft een levengever, een Schepper, of ik ben het resultaat van tijd x materie x kans. Het leven vanuit de Schepper geeft mij een reden om Hem dankbaar te zijn. Het leven vanuit willekeur laat mij achter met zingevingsvragen zoals: wat is mijn doel, waar kom ik vandaan, waar ga ik heen, en wat is goed en kwaad? Als er geen Schepper is, waar komt moreel bewustzijn vandaan? Als er geen Schepper is, dan ben ik het resultaat van een chemische reactie, en zijn zelfs mijn woorden op papier een tot stand wording van chemische reacties. Darwinistisch denken verleidt tot de macht van de sterksten en de macht der gewoonte, alles om ons heen als een vanzelfsprekendheid te verwachten en onszelf toe te eigenen. Doet er dan iets werkelijk toe? Geloven in de Schepper maakt mij eerbiedig stil en doet mij dagelijks verwonderen over Zijn schepping. God geeft antwoorden op zingevende vragen in de Bijbel. Er is troost te vinden voor lijden, en zelfs de dood is er in verslagen. Als ik het resultaat ben van een chemische reactie, ben ik niets meer dan een hoopje DNA. Als er een Schepper is, ben ik Zijn schepsel. Maar het wordt nog intiemer. God wil ons als Zijn kinderen aannemen. Bij het in de schoot weven van psalm 139 moet ik denken aan een oma die voor haar kleinkind een kledingstuk aan het breien is. Met haar oude en gerimpelde handen weeft ze ieder draadje aan elkaar. Daar straalt geborgenheid en intimiteit van af.

Psalm 139:13-14

Want Ú hebt mijn nieren geschapen,

mij in de schoot van mijn moeder geweven.

Ik loof U omdat ik ontzagwekkend wonderlijk gemaakt ben;

wonderlijk zijn Uw werken,

mijn ziel weet dat zeer goed.

Genesis 26:4

Ik zal uw nageslacht zo talrijk maken als de sterren aan de hemel en uw nageslacht al deze landen geven. In uw Nageslacht zullen alle volken van de aarde gezegend worden.

God zei dat Abraham net zo veel nakomelingen zal hebben als de sterren aan de hemel. Hoeveel sterren kunnen we eigenlijk zien met ons blote oog? Een goed oog ziet er op een heldere nacht 10.000. Dat kan je in theorie tellen, het duurt even maar het kan wel. Sterrenkijkers laat ons nog verder zien. Als we uitgaan van de erg ruwe schatting van 1 biljoen sterrenstelsels in het heelal en we vermenigvuldigen dat met de geschatte 100 miljard sterren van ons eigen sterrenstelsel dan wordt dat een enorm groot getal: 100.000.000.000.000.000.000.000 sterren. Dat is niet te tellen, omdat je in je leven niet de tijd heb tot zo ver te tellen. De grootte van het heelal wordt uitgedrukt in lichtjaren. Dat is de afstand die het licht aflegt in een jaar. De snelheid van het licht is 300.000 kilometer per seconde en ongeveer 10.000.000.000.000 kilometer in een jaar. Er is door sterrenkundige een zichtbare grens getrokken van het heelal van 46 miljard lichtjaren (46 miljard x 10.000.000.000.000 kilometer). Maar het heelal strekt zich mogelijk nog veel verder uit dan die zichtbare grens. Iemand zei eens dat God goede ogen heeft. Zijn ogen gaan over de aarde en Hij weet van ieder musje dat uit de boom valt. Ik was de aarde allang kwijt geraakt in die grote lege ruimte. 

De getallen zijn hier duizelingwekkend, maar het proberen voor te stellen doet nog meer duizelen. Het gaat voorstellingsvermogen te boven. Zo groot en zo ver dat een voorstelling van de grootte van ons heelal ons brein parten speelt. Wiskunde is de enige manier om iets van de grootheid van ons heelal in kaart te brengen. Wiskunde is de enige taal om te schrijven hoe groot God ons heelal schiep. Maar wat is wiskunde in werkelijkheid? Het speelt zich af in ons hoofd, het is conceptueel. Als ik een streep door een drie zet, betekent het dan dat ik het nummer drie heb vernietigd? Tellen we voortaan 1, 2, 4, 5 etc? Nee, nummer drie bestaat nog steeds. Getallen en berekeningen spelen af in ons hoofd. En zoals David het volk wilde tellen om te zien hoe machtig hij was, gebruiken we wiskunde om macht uit te oefenen in de economie. We doen ook wetenschap met wiskunde. De stevige fundering van wiskunde waarbij 1 + 1 altijd 2 is, en 2 + 2 altijd 4, lijken eindeloos stevig. Maar niets is minder waar als het neerkomt om wiskunde toe te passen op de wetten van liefde. Dan is 1 + 1 opeens 3, en kun je 1 niet meer delen door 2.

1 Koningen 3: 24-25

Vervolgens zei de koning: Breng mij een zwaard; en zij brachten een zwaard bij de koning. En de koning zei: Snijd dat levende kind in tweeën, en geef de helft aan de één en de helft aan de ander.

Solomo bewijst dat wiskunde en liefde niet samengaan. Het mag dan kloppen dat een halve soeverein plus een halve soeverein één soeverein is. Maar een halve baby plus een halve baby is niets meer dan een gruwelijke realiteit. Wiskunde is een vlak van levenservaring maar op een hoger vlak bestaan en kloppen die wetten niet meer. In de fundamenten van het leven overstijgen de wetten van de liefde de wetmatigheden van wiskunde. Als bijvoorbeeld een vader zijn rijkdom verdeelt over zijn kinderen geeft hij ieder hun deel. Maar als een moeder haar liefde verdeelt over haar kinderen, geeft ze alles, aan ieder kind. Een verliefde man zal niet vallen voor de wiskundige berekening dat één plus één twee is, maar handelt uit de overtuiging dat één plus één een miljoen is. En mochten ze een kind krijgen is één plus één niet drie, maar is hun leven duizendvoudig verrijkt door de toevoeging van een jong en kwetsbaar leven. Geen ouderpaar zal troost vinden in het gegeven dat drie min één twee is als hun kind van hun is weggenomen. In de grote crises van het leven valt het geloof in getallen compleet uit elkaar. Zo onverdeeld als die baby is in het verhaal van Solomo, zo onverdeeld ben jij. Je bent uniek met een unieke DNA code, geschapen naar Gods gelijkenis. Je kunt een zegen voor de wereld zijn op jouw unieke wijze, niemand kan jou vervangen.

Het is nooit bewezen dat de volgende quote van Jozef Stalin kwam: ‘Een enkele dood is een tragedie, miljoenen doden zijn statistieken.’ Maar Stalin heeft tussen de 40 en 62 miljoen doden op zijn geweten. Statistieken en emotionele waarden zijn niet te rijmen. Ook dat gaat ons, net als de grootte van het universum, onze pet te boven. Maar kijken we nog eens door de telescoop naar boven en zien wij een ster ontploffen, hebben we geen medelijden. Er is geen empathische verbondenheid met iets zo groot en zo ver en zo onbegrijpelijk. Het (mede)lijden zit in de mens.

Toen ik wakker werd dacht ik dat alles nog hetzelfde was. De tuin, de boom, het seizoen etc. Maar niets is minder waar. Het is maar één keer 14 maart 2019. En ieder moment vindt maar één keer plaats. Elke ademtocht is uniek en dat laat mij ademloos achter. Elk moment passeert als in een oogwenk en ik verheug mij al naar het volgende moment terwijl ik afscheid neem van het moment dat zojuist achter mij ligt. Ieder moment in een uniek nu-moment en zo is ieder moment een moment van opnieuw geboren worden en afsterven. Tijdswaarneming is daarin ook betrekkelijk. Zo duurt een uur voor een jong kind langer dan voor een opa. Tijd lijkt sneller te gaan als je ouder wordt, dat is empirisch niet waar te nemen maar wel de ervaring van mensen. Zo is de ervaring van mensen ook troost te hebben een relatie te hebben met de levende God. En een nóg veel grotere troost in de beleving dat we een kind van God (mogen) zijn, in tegenstelling tot een doorgeschoten product van broccoli of oerslijm. Mensen zeggen dat het leven pas begint bij je 20e, of 30e of je 40e. Het leven begint pas bij de Here Jezus, want bij Hem is het eeuwige leven te vinden.

Johannes 3:16

Want zo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat ieder die in Hem gelooft, niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft.

Ik vecht tegen het leven vanuit een houding van vanzelfsprekendheid en probeer alles als Zijn wonderbaarlijke zegeningen te zien. Ook tegenwind, regen, ziekte, lijden en pijn. Ik dank U God, voor alles wat U geeft. Zoals een mijnwerker thuis komt met zwarte handen: Brood, en óók nog Jezus!

1 Petrus 5:10

De God nu van alle genade, Die ons geroepen heeft tot Zijn eeuwige heerlijkheid in Christus Jezus, Hij Zelf moge u – na een korte tijd van lijden – toerusten, bevestigen, versterken en funderen.

Geen religie maar relatie

Jezus antwoordde en zei tegen haar: Ieder die van dit water drinkt, zal weer dorst krijgen, maar wie drinkt van het water dat Ik hem zal geven, zal in eeuwigheid geen dorst meer krijgen. Maar het water dat Ik hem zal geven, zal in hem een bron worden van water dat opwelt tot in het eeuwige leven (Joh. 4:13, 14.)

http://www.kunstexpres.nl/

Denk jij na over existentiële vragen? Wie ben ik? Wie of wat is God? Is er leven na de dood? Als christen in een vrijwel niet christelijke omgeving hoor ik een variatie van antwoorden die het pallet van de grote levensvragen divers maar schaars kleurt. Het spectrum antwoorden dat ik hoor op de vragen met betrekking tot het menselijk bestaan loopt wijd uiteen van darwinisme, taoïsme, boeddhisme en het hindoeïsme. Waarin er slechts een enkeling in mijn omgeving zich volledig wijdt aan één van de grote wereldvisies, die zich ieder voor zich exclusief als enige waarheid aanbieden, zijn er veel die kiezen voor een combinatie van wereldvisies en zich aansluiten bij het ‘ietsisme.’ ‘Uiteindelijk komt het op hetzelfde neer’ is wat ik vaak hoor, terwijl wie de wereldreligies werkelijk onderzoekt er achter komt dat ze gigantisch van elkaar verschillen. Er is de hoop dat ze allemaal op het zelfde neerkomen om de vrede te bewaren, want wereldreligies hebben al zoveel ellende teweeg gebracht. Een gedachte die ik snap, maar wat mij betreft eerder passiviteit dan vrede uitstraalt, en dat vind ik jammer. Er is zoveel grijs en bruin in het kleurenpalet van de grote levensvragen. Velen nemen een vermenging van wat hun aanspreekt uit de grote levensreligies aan en creëren zo hun eigen God. Een schijnbaar veilige keuze om uit respect voor iedere geloofsovertuiging niemand op de tenen te willen trappen. We zijn te voorzichtig geworden voor elkaar, er is weinig honger naar werkelijke antwoorden en er is veel lauwheid, ook binnen het christendom. Ik schop dus ook tegen mijn eigen heilige huisjes.

De schijnbaar veilige keuze om niet met deze grote levensvragen te worstelen, ik noem het geestelijke passiviteit, wordt onder andere veroorzaakt door de schijn van fysieke rijkheid. Geld maakt niet gelukkig maar godinnen ‘economia’ en ‘agendia’ hebben desondanks een bijna onontkoombare invloed op het dagelijks leven, vooral in het westen. Seculiere goden schreeuwen om aandacht en dreigen tot ontvreemding van het leven in het hier en nu, de mens opjagend naar morgen, volgende week en volgend jaar. Het oor lenen aan Gods almachtige maar vaak stille stem lijkt contraproductief. Geldzucht en verplichtingen zijn als goedkope suikers voor gezonde geestelijke honger. Liever lui dan moe, wel de lusten niet de lasten. Geestelijk obesitas, te zwaar aan ongezond voedsel, werelds schijngeluk die denkspieren voor bezinning paralyseert.

Alles wat verfrist en opbeurt op weg naar de voltooiing van het levensdoel is legitiem genot. Maar dan moet je wel eerst weten wat je levensdoel is en waartoe je hier op aarde bent. Dat zet genot in het ware perspectief van dankbaarheid.

Diep in ons hart wordt een innerlijke stem het zwijgen opgelegd. Een onderdrukt ingeschapen Godskennis die met kettingen van zogenaamde vrijheden de mond wordt gesnoerd. Het concept van God toelaten in ons denken gaat gepaard met weerstand, we schijnen een heleboel dingen niet meer te mogen en dat is tegen de natuur van de mens in. De mens wil zelf op de troon van het leven zitten en bepalen wat goed en slecht is, en heeft daar God niet voor nodig. Maar wie met God in zee wil gaan, moet bereid zijn nat te worden. Ik daag je uit een duik te nemen om erachter te komen dat het christendom alles behalve droog en saai is. De levende God wil ons door het geloof in Jezus doen lopen op het water, doen uitstijgen boven de omstandigheden die het leven dreigen te beheersen.
Het is heel belangrijk om na te denken over je karakter, je idealen en je wereldbeeld. Ik ben er van overtuigd dat ze onze persoonlijkheid definiëren. Als we onze gedachten, gevoelens en ons karakter bestuderen om een beeld van onze identiteit (wie ben ik? waar sta ik voor? wat is mijn doel in dit leven?) te krijgen, gebruiken we een spiegel. Deze spiegel kan ons eigen morele kompas zijn of een goede vriend of een idool op wie wij willen lijken. Ken je dat, dat je gaat lijken op diegene met wie je omgaat? De mens is gegeven aan elkaar om in relatie met elkaar te leven. Geen mens kan zonder een spiegel zichzelf kennen en er is geen betere spiegel dan de Here Jezus. Bestudeer Zijn gelijkenissen. Ik daag je uit om je ware identiteit in Christus te ontdekken.

Malcom Muggeridge, Britse journalist zegt: ‘Ieder mens is ten diepste in zijn hart verdorven, dat is een meest empirisch verifieerbaar feit, maar tegelijkertijd de door onze intelligentie meest omstreden feit.’ Waarop theoloog en filosoof Ravi Zacharias aanvult: ‘Het feit dat een mens een zondig hart ontkent, bewijst een zondig hart, omdat de kern van zonde onze eigen trots is.’ We hebben het niet graag over zonde, maar het hebben van een schuldgevoel is net zoals een geweten iets heel gezonds. Het zet aan tot denken en verandert handelen. Het is moeilijk zonde te zien in het daglicht van God. Maar ik geloof dat ieder mens kan beamen dat we allemaal fouten maken. God wil ons helpen. Voor God blijf je waardevol, Hij houdt van jou zoals je bent en wil niets liever dan dat jij Hem beter leert kennen. 

Het christelijk geloof is het hebben van een relatie met de levende God. God wil jou als Zijn zoon of dochter aannemen en heeft een eeuwige thuisplaats voor jou. De dood wordt slechts een deur. Gratis, maar niet kosteloos. Het kostte God Zijn eniggeboren Zoon. Wat een genade en een troost! Geloven in God heeft niets te maken met een aanname van antwoorden op existentiële vragen, maar het kennen van God. De Bijbel heeft wel antwoorden op die existentiële vragen. ‘Als God bestaat, laat Hij Zichzelf dan maar zien!’ Ik hoor een goede kennis nog zeggen: ‘Bewijs het maar.’ Mensen willen een briefje uit de hemel. Goed nieuws. Er ligt een heel boek voor ons klaar: de Bijbel. Wie werkelijk twijfelt aan de wijsheid van de Bijbel adviseer ik het Bijbelboek Spreuken. Gods wijsheid overmant. Of mensen willen een wonder om overtuigd te worden. God heeft Jezus uit de dood opgewekt en dat is voor veel mensen niet genoeg. Hoezo, relatie? De Bijbel is en blijft een boek. Maar ook een bijzonder boek waarin God Zich aan ons persoonlijk voorstelt. Hij is heel dicht bij.

Bid, en u zal gegeven worden; zoek, en u zult vinden; klop, en er zal voor u opengedaan worden (Mat. 7:7).

Robert naar Rome

In 34 minuten naar Rome. Ik deed er 90 dagen over. In deze korte film heb ik geprobeerd de essentie van mijn voettocht vast te leggen. Ontbering, zegening en verwondering. Een pelgrimsreis met leeuwen op de weg: dorst, trek, hitte, kou, jeuk, spierpijn, vermoeidheid, eenzaamheid. Een voettocht met de meest onverwachte hulp. Als engelen op mijn pad steeds weer de juiste ontmoetingen die voorzien in noden als eenzaamheid en moedeloosheid. Rivier, bos, berg, woud en zee. Groot is de schepping en de werken van Zijn handen. In mijn voettocht probeer ik de machtige maar toch zachte stem van God te verstaan. Loop je mee naar Rome?

‘Maar zou God werkelijk bij de mensen op de aarde wonen? (2 Kronieken 6:18)’ 

‘Ga het gebergte in, haal hout,en herbouw dit huis (Haggaï 1:8).’

‘De God Die de wereld gemaakt heeft en alles wat daarin is, Deze, Die een Heere van de hemel en van de aarde is, woont niet in tempels die met handen gemaakt zijn (Handelingen 17:24).’

‘…Of weet u niet, dat uw lichaam een tempel is van de Heilige Geest,… (1 Korinthe 6:19).’

Ik heb een dieper begrip gekregen van de berg. Ik ben nog beter op de hoogte van wat een berg inhoudt. Je bent machtig, steen-oud, onbeweeglijk, onveranderlijk. Je gaat voor niets of niemand uit de weg. Seizoenen komen en gaan, het rad des tijds draait ogenschijnlijk langzaam voor jou. Ik benijd je, en jij benauwt mij, met je uit de hoogte houding. Het zuur van mijn kuiten doet de zwaartekracht verdubbelen, de tas twee keer zo zwaar wegen. Met druppels zweet die ver naar beneden vallen, werk ik mij in de tegengestelde richting omhoog. Hoger en hoger, tot ik niet hoger kan. Alles is onder mij, zelfs de wolken. Ik heb je beklommen en je kou doet mij klappertanden, je hoogte doet mij bibberen, je diepte geeft mij kippenvel. Je geeft mij prachtige vergezichten, daar geniet ik van. Toch, je hebt mij geleerd dat ik een kind van de kust ben. Het is fijn weer thuis te zijn, schrijf ik met het zout van de zee nog achter mijn oren.

Een vriend vroeg mij of ik muren ben tegen gekomen. Al wandelend op de paden ben ik muren tegen gekomen. Fysieke muren die mijn weg versperden. Maar die vriend bedoelde geen fysieke muren. Ik denk te weten wat voor muren hij wél bedoelde. In de eenzaamheid van het wandelen kwam ik mezelf tegen. Ik ging harder lopen want ik wilde eerder thuis zijn. Ik heb fysiek het lijf op de proef gesteld, als een geoogste druivenrank, helemaal uitgeperst, tot het naadje gegaan. Wandelen werd ademhalen, het ging als vanzelf. Verslagen van vermoeidheid, zo opgebrand, geen energie over voor eenzaamheid, honger of dorst. Ik was een Romeinse soldaat, verweerd en verwaaid. één met de weg, één doel voor ogen: Rome.

Salomo bouwde de tempel, een woonplaats voor God in Jeruzalem. Hij vroeg zich bij de voltooiing van het gebouw af of God werkelijk in een tempel op aarde zou kunnen wonen. De schepper van hemel en aarde woont in een gebouw door mensenhanden gemaakt? Dat is onvoorstelbaar, Maar God gaat nog een stapje verder. Met de woorden in de brief aan de gemeente van Korinthe wordt duidelijk dat nu ons lichaam de tempel van de Heilige Geest is. God wilt in ons wonen. Die gedachte maakt mij helemaal eerbiedig stil. God wilt een relatie met ons, buigt Zich diep om tot ieder mens Zijn liefde te tonen. Van tabernakel tot tempel tot nu ons lichaam zelf. God is héél dichtbij.

In de tijd van de profeet Haggaï werd men aangespoord om hout te halen om het huis van God te herbouwen. Hout was de grondstof voor de oudtestamentische tempel, het fysieke fundament van de woning van God. Mijn pelgrimage stond in teken om grondstoffen te halen voor de tempel, zoals in de tijd van de profeet Haggaï. Wat in het fysieke gebeurde in het Oude testament, probeerde ik na te volgen in het geestelijke. Ik ben gaan lopen naar Rome om grondstoffen te gaan halen voor de tempel van God. Ik ben op zoek gegaan naar de fundamenten van mijn geloof. Het is niet alleen een fysieke reis geweest naar Rome, maar een geestelijke reis in de tempel van God. Ik ben er achter gekomen dat er al een hoop schatten liggen in de tempel. Schatten waar ik in de drukte van de wereld nog wel eens overheen kijk. Ik ben gezond, ik heb familie en vrienden. Rijkdom waar ik ontzettend dankbaar voor ben. Het wandelen heeft mij al die schatten nog eens beter doen waarderen, als een oude munt waar je het roest nog even goed van af poetst. De roest zat alleen niet op de munt maar op de bril waardoor ik kijk. Al wandelend kan ik zeggen dat ik nog een paar schatten rijker ben geworden. Ik ben er achter gekomen dat het leven vol goedheid zit en dat geeft hoop en vertrouwen. Het geeft een reden ook om te vechten en te strijden voor het goede.

Het is gelukt. In 90 dagen wandelen ben ik van huis naar Rome gegaan. God was een Vriend tijdens mijn tocht, een Gids waar ik verdwaalde, een Beschermer bij gevaar, de Herberg op de weg, de Schaduw in de hitte, het Licht in de hitte, de Troost bij moedeloosheid en de Standvastigheid in voornemens. De reis was vol leven. Als ik de foto’s en de video’s terug zie, lijken ze van een leven geleden. Zo gewandeld te hebben, is mezelf te ontmoeten in alle ontberingen en zegeningen van het leven. Ik ben er rijk van geworden. Niet in geld, maar in schatten van genade. Want als een zwerver zwierf ik door het land, maar voelde me als een koning te rijk. Eindeloos dankbaar ben ik voor het volbrengen van deze reis, het ging niet zonder slag of stoot. Ik denk vaak aan al die mensen die me hebben geholpen met onderdak, voedsel, gezelschap, een goed gesprek of juist het delen van de stilte.

Het is goed om nu thuis te zijn en te genieten van alle schatten in de tempel. En voorlopig zal ik ook thuis blijven, want dat is waar nu mijn hart ligt. Toch, in een klooster in Rome zag ik een wandschildering van een Europese kaart met een wandelroute naar Jeruzalem. Een heel, heel klein zaadje is geplant.